bezinning, bezieling, beweging

1 mei in tijden van Corona

Vandaag is het 1 mei, de dag van de arbeid. In Duitsland waar ik vandaan kom is het een vrije dag, ook in veel voormalige Oostbloklanden waar deze dag met militaire parades werd en wordt begaan. En in veel meer landen ter wereld wordt aandacht besteed aan de dag van de arbeid. Men gedenkt op verschillende wijzen de betekenis van werk. Voor de eerste keer gehouden in 1890 als strijd-dag voor de achturige werkdag in een aantal Europese landen waaronder ook Nederland en in de Verenigde Staten, is 1 mei een traditie geworden en niet alleen in socialistische kringen in leven gehouden maar ook in andere groeperingen die zich inzetten voor het recht op arbeid als een fundamenteel mensenrecht en voor menswaardige arbeidsvoorwaarden.

Is recht op arbeid als een fundamenteel mensenrecht?

In deze Coronatijden is het hebben van werk niet langer meer vanzelfsprekend, niet voor iedereen. Horeca ondernemers en andere zelfstandigen alsmede sommige bedrijven moesten sluiten en hebben van de een op de andere dag geen inkomsten meer. Ze zijn bang dat ze dit niet lang vol houden en uiteindelijk zullen omvallen. Flexibele en tijdelijke arbeidscontracten worden niet verlengd.

Mensen hebben existentiële zorgen en angsten betreffende hun toekomst en die van hun gezinnen. Voor hen is er nog weinig bestaanszekerheid over, ondanks de ondersteunende maatregelen die de overheid biedt. Nog meer treft het vluchtelingen, mensen zonder papieren en andere mensen aan de rand van onze samenleving. Dit virus laat ons kritisch kijken naar het neoliberale en flexibele economische model dat in Westerse landen en elders steeds verder is uitgebouwd. Het idee dient onder de loep te worden gehouden dat de economie alsmaar zou moeten groeien, dat arbeidskracht in bepaalde sectoren niet te duur mag zijn en dat personeelskosten zo laag mogelijk moeten zijn om de producten en diensten zo goedkoop mogelijk aan te kunnen bieden en de concurrentie voor te kunnen zijn.

Hoe willen wij in de toekomst samen leven?

Het virus maakt ons onder meer duidelijk dat een humane en menswaardige samenleving ook solidariteit vereist. Deze Corona tijden werpen een kritisch licht op de grote verschillen die er nog steeds zijn tussen arm en rijk. Die solidariteit is op enkele plekken zichtbaar: een politica die aanbiedt om 20% van haar salaris ter beschikking te stellen van het algemene belang. Goed verdienende voetballers, muzieksterren of andere mensen in goede doen die fondsen oprichten of acties starten ten behoeve van degenen die nu door de economische mand vallen. Naast zulke individuele initiatieven zou er ook iets structureels moeten veranderen. We zouden moeten nadenken over hoe wij in de toekomst samen willen leven en het recht op arbeid voor iedereen kunnen garanderen. Meer menselijkheid en solidariteit is ‘das Gebot der Stunde’. Daar komt het nu en in de toekomst meer dan ooit op aan. 1 mei in Coronatijden kan ons hiervan nog eens weer extra bewust maken.

Martina Heinrichs, 1 mei 2020


Martina Heinrichs, theologe en programmamaakster, begeleidster van retraites.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.