bezinning, bezieling, beweging

In zingen uitbarsten

Wat is het toch met zingen en vrijheid? We kennen allemaal die aandrang om in gezang uit te barsten en doen dat wellicht ook, de één alleen onder de douche, de ander op een podium. Het bevrijdende gevoel van jezelf een stem geven, je emotie de vrije loop laten en de wereld iets van jezelf bieden: dat is zingen.

Zingen is in die zin universeel, en zo oud als de mensheid, wellicht zelfs ouder dan de spraak.

Die bewering roept meteen de vraag op waar eigenlijk het onderscheid ligt tussen spreken en zingen. Dat onderscheid is misschien minder universeel – zoveel culturen, zoveel muzikale tradities. In de meeste gevallen zijn die tradities zo nauw verweven met het dagelijks leven op de plek van herkomst dat we als buitenstaanders de muziek misschien wel nooit geheel zullen kunnen doorgronden. Maar we kunnen ons wel verdiepen in de achtergronden, door heel veel te luisteren, vooral ook zelf te doen en ons zo te verplaatsen in een andere plek of een andere tijd.

Nooit zal ik precies kunnen voelen hoe het moet zijn geweest om in negentiende-eeuws Duitsland rond te struinen en een liefde te voelen voor een onbereikbare partij. Maar de liederen van bijvoorbeeld Schumann brengen me er dichtbij in de buurt. Het bestuderen van de teksten, de composities en de context waarin ze geschreven werden wakkert een talent aan wat ons mensen onderscheidt van alle andere wezens: verbeeldingskracht. Wij kunnen ons situaties indenken waarin we ons nooit hebben bevonden. Zijn in staat om de emoties van een ander in ons lijf te voelen, zelfs als we die ander nooit daadwerkelijk hebben ontmoet. Onze verbeeldingskracht vormt de basis voor empathie en begrip voor de mensen om ons heen.

Muziek is een grote hulp bij het inschakelen van die verbeeldingskracht. De noten van Schumann raken je al, zelfs nog voor je de gezongen taal begrijpt en vormt dus een prachtig uitgangspunt bij de zoektocht naar een begrip van die tijd.

Muziek brengt ons in een direct contact met onze emoties, gezongen muziek voorop. Hoe dat komt, niemand weet het precies. Misschien doordat de stem zo door-en-door menselijk is.

We kunnen niet zingen op een puur rationele manier: we zetten ons hele lichaam in terwijl we tegelijkertijd vaak ook tekst gebruiken en dus allerlei extra lagen betekenis in de muziek kunnen aanbrengen.

Zingen we samen, dan zijn we niet alleen bezig ons te verplaatsen in de muziek van een andere plek of tijd – we verplaatsen ons dan ook in de anderen met wie we zingen. In harmonie samen zingen is zowel de ruimte geven aan je eigen geluid en uitingsdrang, als luisteren naar de anderen om je heen. Als iedereen zich in haar zingen vrij voelt, maar tegelijkertijd de oren gespitst houdt, is het samen zingen niet alleen een bevrijdende maar vooral ook een verbindende ervaring. Grote woorden over grootse momenten, maar het leuke is: samen zingen kan overal en die harmonie, die kunnen we in alle groepen opzoeken en vinden. Dat is dan ook wat we in ons zangweekend zullen gaan doen – we zetten onze verbeeldingskracht, stemmen en oren in om zo wat te leren van andere muziektradities, en vooral van elkaar.


Auteur van deze blogbijdrage is Wies de Greef , zij studeerde culturele antropologie en verdiept zich nu in klassieke zang aan het conservatorium van Rotterdam. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *